Als we op zondagochtend opstaan is het weer dreigend. Het waait hard, er staan flinke schuimkoppen op zee en het is zwaar bewolkt. Maar desondanks is het, als we de deur van ons op 25 graden door de airco gekoelde huisje, buiten nog altijd flink warm. Voor de zekerheid checken we nog even of we de anti-zee-ziekte bandjes bij ons hebben want het zal wel schommelen worden op de golven. En dan gaan we naar het ontbijt. Bij het ontbijt hebben we inmiddels een “personal waiter”: Hassan. Als wij rond 8 uur als een van de eersten het restaurant in komen gaat hij meteen koffie, jus d’orange en water voor ons halen. En na 20 minuten staan we op en gaan we onze Ikea-tassen pakken om te gaan duiken. Als we de steiger oplopen ligt er net een watervliegtuig klaar om op te stijgen. De trolley-mannen (de mannen die de wagen met de duikuitrusting van de duikschool naar de boot rijden) houden ons tegen als de propellors van het vliegtuig op volle snelheid gaan draaien. En 10 seconden later weten we waarom: er ontstaat een enorme zoute douche op de steiger door het watervliegtuig dat snelheid maakt.
Op de boot analyseren we onze Nitrox-tanks, maken onze duikset klaar en krijgen een briefing over de eerste duiksite die een half uurtje varen is, maar onze gids verwacht dat de zee te onrustig is om onderweg de briefing te doen. En daarin krijgt hij gelijk! Marije doet haar bandjes en voorkomt daarmee dat ze vissen moeten voeren, maar echt fris voelt niemand zich na het boottochtje. Als de gids de stroming heeft gecheckt op de plaats van bestemming blijkt er nagenoeg geen stroming te zijn. Een teleurstelling want dat betekent dat de kans op groot wild zoals haaien en roggen klein is tijdens deze duik. Onderwater vinnen we langzaam over het rif en het kanaal waar normaal gesproken een stevige stroming staat en zien vooral tientallen moray eels, enkele puffer fish die zich in het koraal hebben verschanst en Napoleon Wrasses, die hier werkelijk op iedere duiksite zitten.
De kapitein van de boot zoekt een relatief rustig stukje zee in de luwte van een klein onbewoond eiland om ons oppervlakte interval door te brengen. En na precies een uur gaan we weer onder. Deze keer op een rif met veel koraalblokken, overhangs en kleine canyons. Veel vissen verschuilen zich voor de stroming en de grote roofvissen in dit gebied en het is werkelijk volle bak qua vissen. Er staat niet veel stroming maar de stroming die er staat gaat naar beneden (een zogenaamde down current) en we zien een aantal van onze mededuikers worstelen om niet steeds weer dieper te gaan. We beginnen nu echt bij elke duik te merken dat we bijzonder veel voordeel van onze honderden duiken (Juriaan ruim 450 en Marije ruim 480) hebben want we hebben weinig moeite ons aan te passen aan de wisselende omstandigheden. Wel een rustig idee. Zeker als we zien dat de gids zich bijzonder weinig aantrekt van zijn gasten. Hij stuitert op en neer (van 25 naar 13 meter en dan weer terug naar 20) en is vooral bezig met zijn eigen camera. Dit hebben we nog niet eerder gezien een gids die zich alleen met zichzelf bezig houdt. En wanneer we na een uur naast de gids aan de oppervlakte komen moeten we even wachten tot de andere duikers die even verderop zijn boven gekomen aan boord zijn. En als we ons omdraaien is onze gids verdwenen, een blik onderwater leert ons dat er blijkbaar op 7 meter diepte nog iets moois was dat gefotografeerd moest worden want hij is weer afgedaald, wonderlijk figuur….
Als we rond 13 uur terug zijn op het eiland is het weer nog weinig opgeknapt. Maar tijdens de lunch trekt het langzaam open. Alle reden om dus straks nog een keer samen het water in te gaan op het huisrif nadat Juriaan zijn cat nap heeft gedaan en Marije een uurtje in de schaduw met haar ipod heeft gelegen. Rond een uur of 4 zijn we weer in het duikcentrum. We trekken onze uitrustingen aan en lopen naar de bushalte op de steiger. Daar zit een wat verdwaasde Brit naar de bodem te kijken: hij heeft zijn shirt in het water laten vallen en dat ligt nu op 3 meter diepte op de bodem, of wij hem kunnen opduiken…. Natuurlijk. Maar we moeten eerst onze tank nog aansluiten want de tanks hoeven we niet mee te zeulen over de jetty, die worden klaargezet als je die bijtijds “besteld”, en dat doen we altijd voordat we ’s ochtends op de boot stappen. Maar Marije haar tank is weg….. Grrrrrr! Er staat nog wel een 12 liter (en dus een grotere dan onze 10 liter tanks, en wij zijn overigens naast de duikgidsen de enige die 10 liter tanks gebruiken, de rest van de gasten gebruikt 12 of zelfs 15 liter tanks) tank, dus die neemt Juriaan dan maar. Marije duikt het shirt van de dankbare Brit op en dan kunnen we lekker onder water, op weg naar het wrak. Een aantal van de usual suspects zijn vandaag niet aanwezig op het wrak: geen Napoleon, geen Bumphead Parrotfish. Maar gelukkig zijn de andere bewoners er wel en we zien zelfs een Mantis shrimp onder het wrak. Na een uur en 10 minuten zijn we terug bij de boeien die de ingang naar de snelweg voor boten en watervliegtuigen markeren in de haven. En als we deze snelweg willen oversteken maakt een watervliegtuig net aanstalten om uit te varen/vliegen dus we steken op turbo snelheid over….
Na de duik gaan we nog even in het zwembad liggen en praten we wat met een duikend Nederlands stel met 2 kleine kinderen (die dus om beurten duiken terwijl de ander babysit) en drinken een biertje. Dan even douchen en weer lekker eten bij het Sea Food Restaurant “The Beach”. Als we goed en wel zitten komen 8 lawaaige Russen aan die eisen dat er een tafel voor ze gemaakt wordt op het strand. Het stel dat dacht romantische te dineren op het strand dat pal naast de extra tafel voor de Russen zit verhuist binnen enkele minuten naar het dek (de houten vlonders aan de rand van het strand waar wij ook zitten). Zonder enige vorm van gene drinken de Russen en staan ze op van tafel om luid te zingen. Wij zien ineens een goede Business Case voor “Rus-vrije” resorts die je zo af en toe in advertenties ziet










